De Gestigmatiseerde Dorothea Visser

De geschiedenis kent diverse verhalen over personen die de wondertekens des Heren (stigmata) ontvingen. De bekendste gestigmatiseerde personen zijn St. francisicus van Assizi, St. Catharina van Sienna Therese Neumann en de onlangs Heilig verklaarde Padre Pio van Pietrelcina.
Het volgende verhaal vertelt van een Nederlandse vrouw die gedurende het overgrote deel van haar leven de wondertekenen des Heren op haar lichaam droeg.
Het levensverhaal en de mystieke ervaringen van Dorothea zijn, door haar biechtvader, in een dagboek opgetekend. Het dagboek werd bij toeval in 1965 ontdekt.
Johanna Dorothea Visser wordt op 28 september 1819 te Gendringen (Gld) geboren. Haar jeugd is anders dan die van andere kinderen van haar leeftijd. Haar interesses liggen op het geestelijke vlak. Bijzonder is dat ze in haar vroege jeugd reeds haar lijden aan Jezus opdroeg. 
Toen ze acht jaar oud was vastte ze reeds 40 dagen lang. In 1832 doet ze haar eerste communie. Dit was iets waar ze reikhalzend naar uitkeek. Het was tijdens haar eerste communie dat ze haar eerste verschijning kreeg. Jezus openbaarde zich aan Dorothea in de gedaante van een klein kind.
Het ontvangen van de Heilige communie heeft in haar hele leven een centrale rol gespeeld. Het belang hiervan was voor haar zo groot dat ze overdadig veel ter communie ging, dat de kerkelijke autoriteit zelfs opperde om het ontvangen van de Heilige communie te beperken. Haar biechtvader heeft dit geprobeerd maar Dorothea werd hiervan bijzonder ongelukkig en wenste de Heilige communie boven alles.
Op haar twaalfde jaar verliet ze school en ging werken bij een boer. Tijdens haar werk werd ze door een koe aan haar rechterbeen verwond. De wond was zo ernstig dat hij begon te zweren. De dokter die haar behandeld stelt vast dat de wond niet te genezen is. Hij brandde om de 4 weken de wond schoon om de infectie tegen te gaan. Als gevolg van het ongeluk raakt ze verlamd raakt en kan niet mee zelfstandig kan plassen. De dokter ziet ook voor deze aandoening geen genezing en verklaart de verlamming ongeneeslijk.
Dorothea was zo bijzonder diep gelovig dat zij het merendeel van de dag doorbracht met bidden. Het scheen haar biechtvader zelfs toe dat zij zelfs in haar slaap in gebed was. Ze bad veelvuldig tot Maria en Jezus aan wie ze zeer toegewijd was. 
Toch wist Dorothea dat zij zou genezen en voorzag dat haar plasprobleem in de toekomst genezen zou. Zij gaf haar biechtvader te kennen dat zij de hulp van de dokter (na het openbaren van de stigmata) binnenkort niet meer nodig zou hebben.
Vanaf 1 december 1843 openbaren zich de stigmata, bij Dorothea, in de vorm van bloedende wonden aan haar hoofd, borst, handen en voeten. Zonder uitzondering openbaren de wonden zich elke vrijdag tot aan 1845. Vanaf dit moment openbaren de wonden zich alleen nog op Goede Vrijdag, de feestdagen van de Kruisvinding (3 mei) en de kruisverheffing (14 september).
De openbaring van de stigmata ging niet ongemerkt voorbij en vele mensen richtten zich tot haar of tot de pastoor met het verzoek om voor hun kwalen en zielenheil te bidden. Daar Dorothea door haar ziekte zwak van gestel was, ontving de pastoor veelal deze verzoeken en gaf deze dan door aan Dorothea.
Begin oktober 1859 voorzegt Dorothea dat haar beenwond zal genezen. Op 22 december van datzelfde jaar komt haar voorspelling uit en de wond geneest op wonderbaarlijke wijze.
In deze periode ontving Dorothea bezoek van diverse mensen die haar om raad en genezing vragen. Onder hen waren ook geestelijken die het fenomeen op een niet objectieve manier bekritiseerden en naar het land der fabelen verwezen. De kerkelijke autoriteit plaatst de pastoor over naar Kloosterburen. Dorothea en haar zuster volgen de pastoor. Hiermee wordt gepoogd om de in opkomst zijnde cultus een halt toe te roepen en het geheel in de doofpot te stoppen. Gedurende haar tijd in kloosterburen blijven de stigmata zich openbaren en ontvangt ze diverse boodschappen van Jezus en Maria. In 1872 gaat Dorothea met de pastoor mee naar Olburgen alwaar ze op 11 juli 1876 overlijdt.
Al wat nu nog rest is het dagboek, het graf van Dorothea en de getuigenissen van mensen die het graf bezoeken. Na haar dood zijn er genezingen gemeld die worden toegeschreven aan Dorothea. Zelfs na haar dood gebeuren er bij het graf van Dorothea in Olburgen wonderbaarlijke dingen. . 
Er is een stichting onder de naam "Vrienden van Dora Visser" die zich inspant voor de erkenning van van de stigmata en de openbaringen. 
De huidige pastoor heeft verklaard dat er op dit moment een officieel onderzoek is gestart naar de fenomenen rondom Dorothea Visser.
Voor meer informatie kunt u zich wenden tot de stichting "Vrienden van Dora Visser", Olburgse weg 1, 7225 NA Olburgen.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
 

 

 

niets op deze pagina mag zonder uitdrukkelijke toestemming van Stichting Bedevaartweb, worden gekopieerd

of gebruikt worden voor andere publicatie doeleinden. Copyright by Stichting BEDEVAARTWEB©